Rekenen met letters 1 - Theorie

Voortgezet onderwijs, havo/vwo leerjaar 1

Naar Presenter

Bekijk op een groter scherm om deze les direct naar Presenter te sturen

Doel

  • Weten wat variabelen zijn en dat letters gebruikt worden om variabelen voor te stellen
  • Weten wat gelijksoortige termen zijn en gelijksoortige termen kunnen optellen en aftrekken
  • Weten wat herleiden is en producten met lettervariabelen kunnen herleiden
  • Het verschil kunnen zien tussen het herleiden bij het optellen/aftrekken en bij vermenigvuldigen.
  • Het kunnen herleiden van gecombineerde vormen waarin vermenigvuldigen en het optellen/aftrekken voorkomen en waarbij de rekenvolgorde-regels toegepast moeten worden
  • VO onderbouw tussendoelen: 6.1 - 7.1 - 7.2

De interactieve lessenserie Rekenen met letters 1 gaat over rekenen met letters en bestaat uit 6 onderdelen. In dit interactieve lessenpakket leer je rekenen met letters. Variabelen worden heel vaak voorgesteld door letters. Je leert nu hoe je lettertermen die gelijksoortig zijn kunt optellen. Ook zul je zien hoe je producten met letterfactoren kunt herleiden. Tenslotte leer je in deze lessen gecombineerde vormen met behulp van de rekenvolgorde-regels te herleiden.

De lessenserie Rekenen met letters 1 bestaat uit twee delen:

  • theorie-deel Rekenen met letters 1 - Theorie
  • opgave-deel Rekenen met letters 1 - Opgaven

Deze lessenserie kun je klassikaal aanbieden met een touchscreen of individueel op een eigen device. Inhoud van de lessenserie Rekenen met letters 1:

  • 1 Letters als variabelen
  • 2 Gelijksoortige termen optellen/aftrekken
  • 3 Producten van variabelen
  • 4 Gelijksoortige termen samennemen
  • 5 Rekenvolgorde en letters
  • 6 Diagnostische toets
Rekenen met letters 1 - Theorie
Loading...

Doel

  • Weten wat variabelen zijn en dat letters gebruikt worden om variabelen voor te stellen
  • Weten wat gelijksoortige termen zijn en gelijksoortige termen kunnen optellen en aftrekken
  • Weten wat herleiden is en producten met lettervariabelen kunnen herleiden
  • Het verschil kunnen zien tussen het herleiden bij het optellen/aftrekken en bij vermenigvuldigen.
  • Het kunnen herleiden van gecombineerde vormen waarin vermenigvuldigen en het optellen/aftrekken voorkomen en waarbij de rekenvolgorde-regels toegepast moeten worden
  • VO onderbouw tussendoelen: 6.1 - 7.1 - 7.2

Extra