Basisomgeving

Oefenweb

Doel

  • Basisomgeving verkennen en gebruiken

De spelomgeving staat automatisch op standaard ingesteld. Dit kun je als leerkracht wijzigen naar beginner of handmatig. In de basisomgeving tonen we de spellen die de belangrijkste vaardigheden trainen. Afhankelijk van de score op een spel, verschijnen er weer nieuwe spellen in de basisomgeving.

Spelers moeten in elk spel antwoord geven op tien opgaven. De leerling kan het moeilijkheidsniveau zelf aanpassen door op het icoontje te klikken met minder of meer zweetdruppeltjes. Het moeilijkheidsniveau heeft naast de moeilijkheidsgraad van opdrachten  ook invloed op de waarde van de muntjes die ze verdienen met het geven van een goed antwoord.

  • Een leerling kan binnen de reeks van tien opgaven ook eerder stoppen door op de stopknop (knop met het kruisje) te klikken. Deze knop is kort zichtbaar na elk gegeven antwoord.
  • Als een opgave goed wordt beantwoord, komt er automatisch een nieuwe opgave in beeld. Maakt een leerling de opgave fout, dan wordt het goede antwoord getoond en kan de leerling doorklikken naar de volgende vraag (knop met de pijl).
  • Als een leerling denkt dat een opgave niet klopt, dan kan hij/zij klikken op de feedbackknop (knop met het uitroepteken) en aangeven wat er niet klopt. Deze knop is niet altijd zichtbaar.
  • Als een leerling het antwoord echt niet weet, dan kan hij/zij klikken op de helpknop (knop met het vraagteken). Dit heeft geen invloed op de muntjes, er komt niets bij en gaat niets af. Deze knop is niet altijd zichtbaar.
Basisomgeving
Loading...

Doel

  • Basisomgeving verkennen en gebruiken

Extra